Spreektekst Begrotingsstaten Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 2026. 16-06-2026
Spreektekst Begrotingsstaten Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 2026. 16-06-2026
De begroting VRO voor 2026 richt zich onder andere op de realisatie van circa 100.000 betaalbare woningen per jaar. Ondanks een begroting van vele miljarden voor de woningmarkt, blijft de woningproductie structureel achter bij die doelstelling van 100.000 betaalbare woningen per jaar. Voor de PVV is die doelstelling dan ook niet uitvoerbaar, omdat er door dit kabinet nauwelijks maatregelen genomen worden om de toestroom van asielzoekers in te dammen.
Het huidige woningtekort wordt onvoldoende gekoppeld aan migratie en er wordt gestreefd naar een verduurzaamde gebouwde omgeving, waarbij bescherming, zo u wilt herstel, van de natuur hoge prioriteit heeft. In een zeer dichtbevolkt land als Nederland gaat het een ten koste van een ander. Dergelijk beleid werkt contraproductief op de woningbouwproductie. Door dat obsessieve migratieklimaat en stikstofbeleid wordt niet alleen de bouw, maar ook de landbouw en de industrie, kortom de gehele Nederlandse economie, keihard geraakt. Bovendien werken de klimaat- en verduurzamingseisen verhogend op de bouwkosten en werken ze bureaucratische en juridische procedures rond woningbouw in de hand.
Deze begroting leidt vanwege het immigratiebeleid en het klimaat- en stikstofbeleid in relatie tot de bouwopgave tot een tegenovergesteld maatschappelijk resultaat van wat men ermee beoogt voor met name Nederlandse woningzoekenden. In deze begroting wordt op papier gestuurd op woningbouwproductie, maar niet op beleidsmaatregelen die de omvang van de woningvraag daadwerkelijk omlaag zullen brengen. De PVV-fractie vraagt zich oprecht af wanneer met name Nederlandse woningzoekenden concreet merken dat de miljardeninvesteringen vanuit deze begroting daadwerkelijk zullen leiden tot meer beschikbare woningen.
Tot slot nog een aantal vragen. Kan de minister uitleggen waarom in de begroting wel gestuurd wordt op woningbouwproductie, maar niet expliciet op de omvang van de woningvraag? Moeten ook andere departementen niet een onsje minder in praktijk brengen om dat woningprobleem op te lossen? De tweede vraag: kan de minister aangeven hoeveel extra woningen deze begroting daadwerkelijk oplevert? De derde vraag: kan de minister aangeven welk deel van de begroting echt terechtkomt bij nieuwbouw en welk deel bij bijvoorbeeld contraproductieve verduurzaming, zoals van het gas af? Ik heb het dan niet over het isoleren van woningen. De laatste vraag: kan de minister aangeven hoeveel extra sociale huurwoningen in 2026 daadwerkelijk zullen worden gerealiseerd, dus niet de doelstelling, vanuit die begroting VRO?
Dank u wel.