Spreektekst Begrotingsstaat gemeentefonds 2026. 15-06-2026
Spreektekst Begrotingsstaat gemeentefonds 2026. 15-06-2026
Dank, voorzitter. De omvang van het gemeentefonds is eigenlijk niet het probleem. Die is nu zo'n 47,5 miljard euro. In 2000 hadden we het nog over een kleine 16 miljard. Het is in de afgelopen kleine 25 jaar toch fors gegroeid. Dat noemde professor Van den Berg van parlement.com vorig jaar nog het "opgeblazen gemeentefonds". Ik denk dat dat wel een terechte constatering is. We moeten wat de PVV betreft dus ook niet zonder meer extra geld verstrekken aan gemeentes. Het gaat er juist om dat we duidelijkheid krijgen over waarvoor gemeentes aan de lat staan qua medebewind, zodat gemeentes scherper kunnen begroten binnen hun eigen open huishouding.
We zien nu in heel veel gemeentes dat er extra ambtenaren in dienst worden genomen. Daarbij wordt onder andere verwezen naar de SPUK's die ze moeten uitvoeren. Je krijgt dus ook een versterkt effect op dat vlak. De vraag aan de minister is hoe hij denkt te voorkomen dat gemeenten nog meer beleidsambtenaren in dienst gaan nemen en de overheid dus nog harder laten groeien, en ondertussen straks rode cijfers gaan schrijven in bijvoorbeeld het sociale domein. Hoe gaat dat zich tot elkaar verhouden?
Bij kleinere gemeentes wordt vaak geroepen: dan is gemeentelijke herindeling de oplossing. Maar ik hoor toch graag van de minister of dat inderdaad het geval moet zijn. Ik was bijvoorbeeld afgelopen weekend nog in Noord-Frankrijk. Daar zie je piepkleine dorpjes met een paar honderd tot een paar duizend inwoners die gewoon een mooie eigen mairie hebben, waardoor het lokale bestuur dicht bij de inwoners staat. Hoe gaat deze discussie over de verdeling van middelen en de taken waar gemeentes voor staan ook de discussie over de lokale autonomie, het zelfstandige bestuur, raken? Daar krijg ik graag een reflectie op van de minister.
Dan kom ik op een ander punt. Ten aanzien van het gemeentefonds wil de PVV-fractie graag aandacht voor de modelparameters, waar wij ook eerder in schriftelijke vragen bij hebben stilgestaan. Graag horen we of de minister bereid is zo spoedig mogelijk te stoppen met modelparameters die een perverseprikkeleffect met zich mee dragen, zoals bijvoorbeeld middelen voor asielzoekers en migranten. Die worden in berekeningen voor het gemeentefonds als maatstaaf meegenomen. Vanwege allerlei beleidswensen die provincies en gemeentes met financiƫle problemen opzadelen, zien gemeentes zich genoodzaakt om asielzoekers op te vangen met het oog op financiƫle tegemoetkomingen. Dit levert behalve relatief meer geld uit het gemeentefonds ook veel geld via het COA op. Deze perverse prikkel zit ook als bonus in de asieldwangwet, de Spreidingswet. Maar juist omdat gemeentes gaan wedijveren, levert het onder de streep niet meer geld op. Het leidt echter wel tot minder leefbaarheid, hogere kosten, onveiligheid, criminaliteit, gebrek aan woningen voor onze eigen mensen en meer onnodig leed voor onze eigen burgers. Zo zien we bijvoorbeeld in de gemeente 's-Hertogenbosch dat er veel meer geld wordt uitgetrokken voor asielopvang, voor extra ambtenaren op dit dossier, onder andere omwille van het omwonendenoverleg, dat nu met name moet plaatsvinden vanwege de omstreden amv-opvang in Engelen. Het is dus veel voordeliger om gemeentes niet met asielopvang op te zadelen.
Voorzitter. Ten aanzien van het gemeentefonds dezelfde vragen die we al bij het provinciefonds hebben gesteld in het vorige debat, over het in beeld brengen van de medebewindstaken. We horen hier dus graag de nadere, door de minister toegezegde, reactie op, en dus niet alleen maar algemeenheden. Daarbij kunnen we ook nog voor een groot deel aansluiten bij de vragen die mevrouw Fiers van de fractie van GroenLinks-PvdA heeft gesteld over de lokale autonomie.
Tot slot, voorzitter. Het is van belang om heel scherp in beeld te kunnen krijgen wanneer er binnen dit kader sprake is van instrumenteel medebewind of zelfs mechanisch medebewind of facultatief medebewind, en de mate waarin de gemeentes nog beleidsvrijheid hebben en de consequenties die daaruit voortvloeien. Daarom is het van groot belang dat we dit onderzoek scherp in beeld hebben, zodat er ook scherpe keuzes kunnen worden gemaakt en gemeentes ook binnen die lokale autonomie mogelijkheden hebben om eventueel te bezuinigen en niet steeds te horen kunnen krijgen dat iets een rijkstaak is die ze dan toch maar dienen uit te voeren. Kortom, daar hebben wij dus de nodige vragen en gedachtes bij. Ik hoor graag de reactie daarop nog in deze termijn.